Diagnose narcisme en diagnosticeren op afstand

diagnose narcisme

Het stellen van de diagnose narcisme is erg moeilijk. Wanneer iemand echt een narcistische persoonlijkheidsstoornis heeft zal diegene zich niet laten diagnosticeren. Zij vinden dat alles aan een ander ligt en nemen nooit de verantwoordelijkheid voor hun eigen gedrag. Hierdoor kan de diagnose narcisme niet worden gesteld door een behandelend arts en moet er aan “diagnose op afstand” worden gedaan. En daar rust een groot taboe op binnen de psychiatrie…

Hoe wordt de diagnose narcisme gesteld?

Aan de hand van lange vragenlijsten wordt gecontroleerd of de patiënt aan minimaal vijf van de volgende negen criteria uit de DSM voldoet:

1. Zichzelf heel belangrijk vinden.
2. Een overdreven behoefte aan bewondering hebben.
3. Manipuleert en misbruikt anderen om zijn of haar eigen doelen te verwezenlijken.
4. Een gebrek aan empathie. De persoon houdt geen rekening met anderen en kan zich niet inleven in de gevoelens van een ander.
5. Geobsedeerd zijn door zaken als macht, succes, schoonheid en genialiteit.
6. Zichzelf bijzonder voelen en denken dat hij/zij alleen kan worden begrepen door andere bijzondere mensen.
7. Denken meer rechten te hebben dan anderen en eisen dat anderen zich aanpassen.
8. Is snel jaloers en voelt zich vaak tekort gedaan.
9. Arrogant gedrag en kwaad worden wanneer iemand die als minderwaardig wordt beschouwd kritiek uit of hem of haar tegenspreekt.

Diagnose narcisme door een psychiater

De diagnose narcisme mag officieel alleen worden gesteld door een psychiater die de persoon in kwestie heeft onderzocht. Op het diagnosticeren op afstand, dus van iemand die niet jouw patiënt is, rust onder psychiaters een taboe.

Een recent voorbeeld hiervan is dat in Amerika door psychiaters werd gewaarschuwd dat (toen nog) presidentskandidaat Trump aan een narcistische persoonlijkheidsstoornis zou lijden. Hierop kwam veel kritiek van collega’s want dit was immers diagnosticeren op afstand.

De gevolgen van het taboe op diagnosticeren op afstand

In mijn artikel “Narcistische moeder” beschreef ik onder “Papa naar een inrichting” dat de artsen in het psychiatrisch ziekenhuishuis mijn narcistische moeder doorzagen. NB: Mijn vader was door haar in deze inrichting gedreven.

Nou denk ik niet dat ze de diagnose narcisme hadden gesteld. Het speelde zich af in de eerste helft van de jaren tachtigen, en toen was er over de narcistische persoonlijkheidsstoornis nog niet zoveel bekend als nu.

Doch dat ze doorhadden dat ze een ernstige psychische stoornis heeft moge duidelijk zijn getuige de uitspraken: “We hebben de verkeerde hier”, “Elk menselijk gevoel is haar vreemd” en “Ze komt hier alleen maar naartoe om je nog verder kapot te maken”.

Quote uit “Narcistische moeder deel 1“:

Ik vind het vandaag de dag nog steeds verbijsterend dat deze artsen haar doorhadden maar niet aan de bel hebben getrokken! Wetende dat dit monster twee kinderen onder haar hoede had hadden zij dit moeten melden bij de kinderbescherming. Doch papa was hun patiënt en met de rest hadden ze niets te maken, dus deden ze niets. En onze narcistische moeder kon haar verwoestende werk gewoon voortzetten…

Dat de behandelend artsen van mijn vader niet aan de bel trokken komt waarschijnlijk mede voort uit het taboe op diagnosticeren op afstand. Als iemand al op het idee kwam dit te melden liep deze grote kans dit te worden verweten. En aangezien iedereen erg bang is voor de eigen positie doet men niets, met alle gevolgen van dien voor de slachtoffers…

Diagnose narcisme door een leek

Wetende dat het stellen van een diagnose op afstand door een psychiater taboe is moge het duidelijk zijn dat het stellen van een diagnose door een leek helemaal taboe is. Dat maakt het voor ons slachtoffers heel moeilijk om erkenning te krijgen.

De dader zal zich niet vrijwillig laten diagnosticeren, en zonder de diagnose narcisme door een bevoegd arts heeft de persoon formeel geen narcistische persoonlijkheidsstoornis.

Wanneer een slachtoffer van narcistisch misbruik zich bij een hulpinstantie meldt is de kans groot dat het te horen krijgt dat het als leek niet iemand mag diagnosticeren. De dader blijft daardoor buiten beeld en de werkelijke oorzaak wordt niet behandeld. Hiermee wordt het slachtoffer nogmaals slachtoffer, secundaire victimisatie heet dat.

Secundaire victimisatie houdt in dat een slachtoffer wordt geconfronteerd met onbegrip en afwijzende sociale reacties, en daarmee tweemaal slachtoffer wordt van hetzelfde delict.

Hoe ik tot de diagnose narcisme kwam bij mijn moeder

Ik ga het verhaal weer persoonlijk maken door te analyseren hoe ik bij mijn moeder tot de “diagnose narcisme” kwam. Ik ben geen arts en derhalve niet bevoegd de officiële diagnose narcisme te stellen. Maar ik oordeel wel over een persoon die ik 47 jaar van nabij heb meegemaakt.

Wat vooraf ging

In mijn jeugd ben ik door mijn narcistische moeder geestelijk mishandeld. Enkele voorbeelden hiervan beschrijf ik in het artikel “Narcistische moeder deel 1“. Wanneer ik dit later ter sprake bracht reageerde ze altijd hysterisch, ging vol in de tegenaanval maar nam nooit de schuld op zich.

Nadat dit ook begin 2015 weer was gebeurd was voor mij de maat vol. Ze had me zodanig geraakt dat er voor mij geen weg meer terug was. Het werd nu eindelijk op een normale manier uitgepraat of ik zou, zoals mijn zus reeds eerder deed, het contact met haar verbreken.

Dat contact met haar verbreken was overigens niet een heel bewuste keus, het was mee een pressiemiddel uit wanhoop. Achteraf was dit de beste keuze die ik in mijn leven gemaakt heb, alleen veel te laat!

Zonder te weten vele kenmerken van NPS genoemd

Nadat het voorval dagen in mijn hoofd om had gespookt besloot ik mijn moeder een e-mail te sturen waarin ik haar de waarheid zou zeggen en voor de keuze zou stellen. Deze e-mail wilde ze niet openen, daarom heb ik hem uitgeprint en persoonlijk langs gebracht.

Hieronder enkele passages uit die mail. Let ook op hoeveel kenmerken van een narcistische persoonlijkheidsstoornis ik daarin noem. En dat terwijl ik op dat moment nog helemaal niets afwist van NPS!

Mama,

Je lijkt het niet te willen zien, maar onze familieband bungelt aan een zijden draadje! Even had ik de hoop dat het nu eindelijk tot een gesprek zou komen maar afgelopen dinsdag krabbelde je alweer terug. En weer trapte ik in je manipulaties en heb de bewuste e-mail verwijderd en toegezegd een mildere variant te schrijven. Nou dat laatste doe ik dus niet. Ik laat me niet meer manipuleren en chanteren. Je leest maar eens wat ik je te zeggen heb.

“Wat is er nou mis met mij?” vroeg je ooit aan *** nadat je een brief van tante *** had gekregen. Nou ik zal je het antwoord daarop geven. Wat er mis is met je is dat je geen enkel inlevingsvermogen in anderen hebt en geen totaal geen zelfreflectie. Je kunt absoluut geen kritiek verdragen en reageert dan meteen agressief. Altijd zoek je de fout bij anderen maar de balk in je eigen oog zie je niet.

Een paar weken geleden heb je mij voor de zoveelste keer diep gekwetst met je schampere opmerking nadat ik een bepaald voorval een traumatische herinnering noemde. Al bijna 30 jaar probeer ik dit voorval met je te bespreken maar telkens bijt ik op graniet en reageer je agressief. Je wilt alleen horen wat jou uitkomt en wie daar niet in mee gaat krijgt de volle laag.

Ik zoek geen ruzie. Als ik je ergens op aanspreek wil ik je duidelijk maken dat je me daarmee pijn hebt gedaan. Ik wil een stukje erkenning voor het leed dat me is aangedaan. In plaats daarvan krijg ik de schampere opmerking: “Ach ach een trauma, wat moet ik dan wel voor trauma’s hebben?”. Hiermee geef je aan geen inlevingsvermogen te hebben, er niet over na te willen denken en jezelf als “zieliger” naar voren te willen schuiven.

Alleen in deze aanhef noem ik al verschillende symptomen van een narcistische persoonlijkheidsstoornis. Ik heb er maar liefst tien geteld!

Overspannen of narcist?

Vervolgens benoem ik in de brief de gevallen van geestelijke mishandeling. Ik toon zelfs nog enig begrip omdat ik destijds dacht dat ze dat allemaal in een overspannen situatie had gedaan…

Voor het feit dat je in een overspannen situatie, en ik weet wat het is om overspannen te zijn, een keer tekeer gaat tegen de verkeerde heb ik nog begrip. Maar elke avond en dat tegen je eigen kind? Bij ieder weldenkend mens zou er dan toch eens een lampje moeten gaan branden dat je helemaal verkeerd bezig bent.

Als kind dacht ik dat ik wel iets zou hebben gedaan, al wist ik niet wat, dat ik zoiets verdiende. In tegenstelling tot jou zocht ik altijd de fout bij mezelf. Maar als twintiger begon ik te beseffen dat jouw gedrag pure geestelijke mishandeling was! Sindsdien heb ik verschillende keren geprobeerd om hierover met je in gesprek te komen. Maar zo gauw ik het onderwerp aansnijd reageer je hysterisch en agressief en komt er onmiddellijk een tegenaanval. Vervolgens betrek je er andere situaties en mensen bij, om de aandacht van jezelf af te leiden, en dwing je mij in de verdediging.

Over hetgeen ik zeg wil je nog geen seconde nadenken, laat staan verantwoording afleggen voor je eigen gedrag. Altijd is het de schuld van een ander. Maar jij was de volwassene die beter had moeten weten. Ik was een kind, en nog een kwetsbaar kind ook. In een wereld die toch al vijandig was verwacht je nog enige veiligheid te vinden bij je moeder. En uitgerekend die scheld je elke avond verrot! Niets maar dan ook niets rechtvaardigt het om zo je eigen frustraties zo af te reageren op een kind. En dat je daar tot op de dag van vandaag geen verantwoording voor af wilt leggen is LAF!

Na iedere poging dit met jou te bespreken moest ik gefrustreerd vaststellen dat dit niet mogelijk is. Wat je doet is juist nog meer zout in de wonden strooien. Blijkbaar wil je altijd winnen en omdat je dat niet met argumenten kunt laat je het hiervoor beschreven rookgordijn op. Vervolgens zwijg ik weer voor jaren erover, maar ondertussen blijft het wel doorknagen… Je wint voor je gevoel misschien de confrontatie, maar je verliest je kind!

Over de scheiding

In de brief ga ik verder met het beschrijven van de periode tijdens en na de scheiding, welke ook te vinden is in eerder genoemd artikel. In het vervolg beschrijf ik haar reactie wanneer ik haar met de gebeurtenissen uit deze periode confronteer.

Als ik over die tijd begin loop je al gauw te jammeren dat niemand je begrijpt. Maar heb jij ooit moeite gedaan een ander te begrijpen? Heb je je ooit afgevraagd hoe die tijd voor mij is geweest? Jij hebt er destijds, naar ik aanneem bij je volle verstand, voor gekozen om met papa te trouwen. Ik heb mijn ouders niet uitgezocht. Opeens werd ik als 16-jarige voor een voldongen feit geplaatst en stond ongewild tussen twee vuren.

Wat betreft papa. Eigenlijk was jullie huwelijk een grote tragedie van twee mensen die elkaar totaal niet begrepen maar door het lot samenkwamen. Waarschijnlijk waren jullie nooit getrouwd, ware het niet dat jouw ouders zo dom waren jullie uit elkaar te halen waardoor ze juist het tegenovergestelde bereikten. Buiten het feit dat er al een kloof tussen mannen en vrouwen is verschilden jullie karakters teveel van elkaar. Jullie huwelijk was bij voorbaat gedoemd te mislukken.

Hij zal vast ook fouten hebben gemaakt, maar een slecht mens is hij zeker niet! Het is een zielig mens, een oorlogsslachtoffer en een patiënt. En dat is niet iets waarvoor hij zelf heeft gekozen zoals jij altijd suggereert. Niemand kiest daarvoor, net zo min als ik ervoor heb gekozen een sociale fobie te hebben. Dat de andere gezinsleden niet zo zijn geworden zegt niets. Iedereen is anders en als je ergens aanleg voor hebt en je groeit onder de daarvoor juiste omstandigheden op dan krijg je het. Zo ontwikkelde ik een sociale fobie en kreeg papa derealisatie. Eigenlijk vermoed ik dat je dat diep in je hart ook wel weet, maar dat uit zelfbescherming niet wilt zien…

Nog onwetend…

Uit bovenstaande passage blijkt dat ik destijds nog onwetend was over de narcistische persoonlijkheidsstoornis. Met de kennis van nu kijk ik hier heel anders tegenaan. Het huwelijk van mijn ouders was inderdaad vanaf dag 1 gedoemd te mislukken, maar niet omdat ze elkaar niet begrepen. Ik weet nu dat mijn narcistische moeder het zo heeft gepland.

En wat betreft die oprui-pogingen dat ik op het tweede plan zou staan laat je maar achterwege. Als dat al zo is regel ik dat zelf wel met hem op mijn manier. Daarvoor ben ik jou geen verantwoording schuldig. En ja ik praat met hem op een andere manier dan met jou. Maar dat roep je over jezelf af door meteen op je achterste poten te staan als ik je ergens op aanspreek.

Op het tweede plan staan ben ik wel gewend. Altijd kreeg ik de schuld als ik door Wilma gepest werd. Ik was de rotjongen, zij het lieve meisje… En altijd moest ik van je horen dat ik een egoïst zou zijn en een rot karakter zou hebben. En dan die “leuke” avonden dat *** (de toenmalige vriend van mijn zus) altijd bij ons was. De hele avond werd ik beledigd door hem en jij zei er niets van. Maar oh wee als ik hem terug beledigde, dan was ik weer het rotjoch. Blijkbaar had je voor hem sterkere moederlijke gevoelens dan voor mij…

Mijn zus en ik tegen elkaar uitgespeeld

Nu weet ik dat het mijn zus en ik tegen elkaar werden uitgespeeld. Ook zij had het gevoel dat de ander alles kon maken en zij niets goed kon doen.

En met die “moederlijke gevoelens” zat het ook een beetje anders dan ik op het moment van schrijven dacht. Onze narcistische moeder bleek de vriendjes van mijn zus altijd te willen versieren. In het artikel “Narcistische moeder deel 2” verteld zij haar eigen verhaal.

De afgelopen tien jaar hebben we een goede verstandhouding opgebouwd. Daarin heb je een paar jaar geleden al de eerste barsten geslagen. Toen ik bij jou en *** (Haar nieuwe slachtoffer) op bezoek was en het gesprek op vuurwerk kwam begon je opeens over die keer dat op de LTS het vuurwerk in mijn jas was ontploft nadat ik tijdens de dagelijkse pesterijen meerdere keren op de vloer was gesmeten en rondgetrokken. Heb je enig idee hoe vernederend zoiets is? En dan vraag jij doodleuk: “Hadden ze je niet over de vloer gesleept?”.

Dat je een keer een onhandige opmerking maakt kan ik je best vergeven. Maar niet zozeer die opmerking als wel je reactie toen ik je daar enkele dagen bij mij thuis op aansprak heeft me pijn gedaan. “Ik zal voortaan wel een klem op m’n bek doen. Ik kan ook niets zeggen” reageerde je. Opnieuw gaf je er blijk van nul komma nul inlevingsvermogen te hebben en geen verantwoording te willen nemen voor je eigen fouten. Had je gezegd “sorry daar was ik me niet van bewust” dan was het daarmee klaar geweest. Maar door je agressieve reactie heeft dit incident juist weer hele nare herinneringen aan jou weer naar boven gehaald. Voor de lieve vrede liet het er maar weer bij (Dus zeg niet dat ik papa ontzie en jou aanval!). Maar dit keer KAN ik dat niet meer!

Ik raad je zeer dringend aan om hulp te zoeken want er is iets grondig mis met jou. Het lijkt alsof je geen geweten hebt. Je roept de meest vreselijke dingen en wilt daarover geen verantwoording afleggen. In plaats daarvan leg je de schuld bij anderen neer. Ik vermoed dat dit je verdringingsmechanisme is om maar geen slecht geweten te krijgen.

Een narcist heeft geen geweten!

Ook hier zat ik een heel eind in de goede richting maar niet helemaal. Ik ging er vanuit dat mijn moeder een geweten heeft, nu weet ik dat ze dat NIET heeft!

De rotopmerkingen die je laatst hebt gemaakt waren voor mij de druppel die de emmer deden overlopen. Je hebt geen idee hoeveel pijn je me hiermee hebt gedaan. Wat ik in deze brief heb gezet draag ik al tientallen jaren met me mee. Er is nu geen weg meer terug, of je ziet de feiten onder ogen of je bent ook mij kwijt.

Herman

Op zoek naar antwoorden

Verbijsterend hoeveel eigenschappen ik benoem die overeenkomen met de narcistische persoonlijkheidsstoornis, waarvan ik op dat moment nog nooit had gehoord. Tijdens het schrijven van deze e-mail/brief werd me steeds duidelijker dat er iets heel ernstig mis moest zijn met mijn moeder.

Ik ging mij verdiepen in allerlei psychische stoornissen. Zoals ik reeds in andere artikelen beschreef kwam ik daarbij verschillende stoornissen tegen met raakvlakken, doch te weinig om een “diagnose” te stellen.

Toen ik simpelweg wat karaktereigenschappen van haar intypte op Google kwam ik terecht bij een artikel over de narcistische persoonlijkheidsstoornis. De herkenning was vrijwel 100%. Sindsdien heb ik mij verdiept in dit fenomeen en er heel veel over gelezen.

Diagnose narcisme

Nogmaals, ik weet dat ik niet een bevoegd arts ben en ik waak er ook voor om iedereen die mijn pad kruist een etiketje op te plakken. Maar ik weet inmiddels wel zoveel over de narcistische persoonlijkheidsstoornis dat ik in het geval van mijn moeder de diagnose narcisme wel durf te stellen.

Wellicht vind je dit ook interessant
Bestrijd de narcist en deel deze kennis met je vrienden
  • 126
  •  
  •  
  •  
  •  

One thought on “Diagnose narcisme en diagnosticeren op afstand

  1. Ik ben van mening dat een psychiater of psycholoog deze diagnose NIET kan stellen
    Narcisme moet je meegemaakt hebben om te weten wat het is en wat het met een slachtoffer kan doen
    Een normaal mens kan zich niet voorstellen dat een ander mens zo vreed kan zijn.
    Of dat iemand echt stuk gemaakt word. ( ben je zelf schuld zeggen ze dan )
    Hulp is er niet voor slachtoffers, althans ik ben nog op zoek
    Heb veel gelezen over narcisme, heeft mij heel veel geholpen
    ALLE puzzelstukjes vielen op zijn plek, heb lotgenoten gevonden, die weten wat het is, daar heb meer hulp van als de hulpverlening in Nederland, heb 6 maanden gewacht op intake, maar of ik de juiste hulp krijg dat denk ik niet.
    Secundaire victimisatie is wat ik van de intake ervaren heb, ( ook van bijna iedereen om me heen ) dus ben benieuwd naar de rest.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *